De vermaledijde goeroes
Dr. Koenraad Elst
Eén van de meest sinistere scheldwoorden tegenwoordig is
"goeroe".
Hoewel de term een buitengewone bekwaamheid veronderstelt, wordt hij
steeds meer geassocieerd met charlatanisme en met totale kontrole over
volgelingen. In de kultuur waar deze term toe behoort, het hindoeï sme,
heeft het deze konnotatie echter helemaal niet. Het betekent er gewoon "leraar",
"expert", metaforisch afgeleid uit de grondbetekenis "zwaar" (verwant met
Grieks
barys,
Latijn
gravis).
Wanneer een geestelijke leraar bedoeld wordt, impliceert het wel grote
eerbied, dezelfde die men ginds jegens zijn ouders koestert, maar
allerminst onkritisch volgelingschap. Hindoes zijn kritisch in de keuze
van een geestelijk leraar, en een authentieke goeroe verlangt van zijn
leerlingen alleen dat ze zijn oefeningen
doen,
niet dat ze zijn verhaaltjes
geloven.
Alleen wat men zelf ervaren en geverifieerd heeft, heeft spirituele waarde;
geloof is een kristelijk-islamitisch begrip, dat in de kultuurkring van de
goeroes weinig of geen plaats heeft. Vermelden we hier nog dat het begrip
goeroe
centraal staat in het sikhisme, een bekende hindoe-sekte:
sikh
betekent "leerling", nl. van de tien goeroes, een leraar-leerling-lijn die
begon met Nanak (ca. 1500) en eindigde met Govind Singh (ca. 1700).
Het zwartmaken van de goeroe wordt ongenadig doorgetrokken in het boek
Reuzen op Lemen Voeten
van Oxford-prof Anthony Storr (Feet
of Clay: a Study of Gurus,
HarperCollins 1996; vertaald als
Reuzen op Lemen Voeten,
Nieuwezijds 1998, 250 pp., 800 BF). In een interview in
Knack
(27-5-1998, "Een valkuil voor het kind in ons") expliciteert hij zijn
vooroordeel dat er een principiële tegenstelling bestaat tussen "wereldgodsdiensten"
en "sekten", d.w.z. tussen goeroes wier volgelingenklubje groot geworden
is, en goeroes die minder suksesvol zijn. Na zijn overigens aanvechtbare
bewering dat het goeroeschap begint met een "openbaring" (wat daarmee
begint heet "profeetschap"), pareert hij de opwerping dat de Bijbel toch "ook"
vol zit met zulke openbaringen, aldus: "Jezus, Mohammed, Boeddha waren ook
spirituele leraren. Zij waren goeroes zonder enige persoonlijke ambitie,
hun heiligheid en integriteit waren boven elke twijfel verheven."
Deze uitspraak vat de voornaamste fout van zijn hele benadering samen:
hoewel hij zelf schrijft dat "als er maar honderd kristenen waren, wij hun
geloof als even excentriek zouden beschouwen als dat van Goerdjiëff of
Steiner", sluit hij in feite de suksesvolle sekteleiders met miljarden
volgelingen uit van zijn kritisch onderzoek, waarmee hij alleen de minder
geslaagden lastigvalt. Eigenlijk een geval van: "aan wie heeft, zal
gegeven worden".
Behalve hopeloos konformistisch is de geciteerde uitspraak ook verward en
in strijd met de feiten. De Boeddha kan men inderdaad in de volle zin van
het woord een "goeroe" noemen, en in zijn vredige loopbaan ontwaart men
inderdaad weinig "persoonlijke ambitie" en veel "heiligheid en integriteit".
Bij Jezus ligt dat al veel moeilijker; terwijl de Boeddha onpersoonlijk
een universele weg aanleerde, een potentieel tot verlossing dat in
iedereen zit en door oefening tot bloei gebracht wordt, situeerde Jezus (althans
de Jezus die in het theologisch en Kerkpolitiek sterk herwerkte Nieuwe
Testament gepresenteerd wordt) de verlossing in zijn eigen persoontje.
Storr wijst op het narcisme van Bhagwan Rajneesh die bij zijn komst naar
Amerika zei: "Ik ben de Messias waar Amerika zo lang op heeft gewacht";
maar het ontgaat hem dat dit slechts een variant was op "narcistische"
uitspraken van Jezus zoals: "Ik ben de weg, de waarheid en het leven."
Jezus deed trouwens allerlei dingen die eerder bizar dan "heilig" waren.
Mohammed, die zich van employé in een handelsfirma tot alleenheerser van
Arabië opwerkte, kan men moeilijk enige "persoonlijke ambitie" ontzeggen.
Alleen verblinde fanaten kunnen "heiligheid" zien in Mohammeds moorden op
kritici, zijn roofovervallen, zijn slaafnemingen, zijn oorlogen en zijn
verwoesting van heidens kultureel erfgoed. Prof. Storr is dus blijkbaar
zo'n verblinde fanaat, tenzij hij gewoon ondeskundig is over het onderwerp
Mohammed; maar in dat geval weet een wetenschapper toch dat hij er beter
over zwijgt?
Een pluspunt is dat Storr ook sekuliere "goeroes" over de hekel haalt, van
Sigmund Freud tot Adolf Hitler, en kerkelijke "goeroes" zoals Ignatius van
Loyola. Typisch is echter dat ze bijna allemaal tot de Bijbelse
kultuursfeer behoorden, zie bv. Rudolf Steiner die uit de Theosofie stapte
omdat hij Jezus meer centraal wilde stellen, of domineeszoon Carl Gustav
Jung. De fenomenen die Storr beschrijft, zoals uitverkiezingswaan en
persoonlijke openbaringen, ressorteren dan ook veel beter onder het
Bijbelse begrip "profeet". Tenslotte stelden een aantal van de besproken
sekteleiders, zoals Jim Jones en David Koresh, zich expliciet in de lijn
van de Bijbelse profeten; terwijl alleen de Bhagwan zichzelf ook goeroe
noemde. Volgens Storr zijn goeroes bovendien gestoorde persoonlijkheden
die zelf een sterke behoefte aan volgelingen hebben; in India is het
eerste kriterium van spiritualiteit echter dat men zijn verlangens
verliest, en iemand die naar volgelingen
verlangt,
geldt er ipso facto als een onechte goeroe. Ook de "persoonlijke
openbaringen" die tot uitverkiezingswaan leiden, hebben met de yogische
goeroe-traditie niets te maken: alle mentale sensaties, ook de meest
visionaire, gelden er immers als verstrooiing en subtiel zelfbedrog die de
geest van zijn zelfrealizatie afhouden.
Waarom heeft Storr het dan toch over "goeroes" en niet over "profeten"?
Wellicht omdat hij vanuit zijn kristelijke achtergrond een strikt
positieve waardering aan het begrip "profeet" hecht, of omdat hij zich aan
een storm van protest had mogen verwachten als hij de Bijbelse profeten en
Mohammed terminologisch op één lijn zou stellen met heilloze figuren als
Jones en Koresh. Dus is het veiliger om met deze associatie een heel
andere kategorie van spirituele leermeesters te besmeuren: de goeroes, de
Vedische leraren die in het algemeen absoluut niet voldoen aan Storrs
kriteria, maar die hier toch geen media-lobby hebben en dus veilig
belasterd kunnen worden.